Home
Site info Disclaimer Contact
Effectieve Schuldhulp

Laatst aangepast op

Gepubliceerd op 1 juli 2017

Beleidsinformatie en onderzoek
Hand houdt een wetboek met weegschaal-embleem vast

Medio 2017 liepen de besprekingen over een nieuw kabinet nog: een goed moment om vooruit te kijken naar de toekomst van de schuldhulpverlening. In een eerste deel gaven drie wetenschappers hun advies: een emeritus hoogleraar Rechtssociologie, een hoogleraar Governance en sustainability en een lector Schulden en incasso.

Een ondoordringbaar systeem

In zijn afscheidsrede aan de Universiteit Leiden, Vergeef ons vaker onze schulden – de weg naar een schone lei 2.0, stelde de emeritus hoogleraar vast dat door complexe regels en veel slecht samenwerkende partijen een onoverzichtelijk systeem was ontstaan. Schuldhulpverleners werkten elk in hun eigen werkveld, terwijl deurwaarders, de Belastingdienst en het CJIB geen rekening hielden met schuldenaren.

Hij betreurde dat de schone lei, de kerndoelstelling van de Wsnp, niet meer centraal stond, terwijl een schuldvrije toekomst veel maatschappelijke winst kan opleveren.

Incasso met een menselijk gezicht

De hoogleraar pleitte ervoor het minnelijk en het wettelijk traject samen te voegen en hulpverlening en incasso te integreren. Ook moest de bevoorrechte positie van de rijksoverheid als incassant verdwijnen. De taken van rechters, schuldhulpverleners, deurwaarders en bewindvoerders zouden naar één publieke organisatie kunnen, die op een menselijke manier incasseert én overbelaste schuldenaren helpt. Daarvoor was volgens hem een projectminister nodig met doorzettingsmacht over het beleid van SZW, Financiën en Veiligheid en Justitie.

Knelpunten in de praktijk

De lector steunde dat idee. Vooral de incasso was een probleem: de overheid kon zomaar geld van een rekening halen, deurwaarders konden bankbeslag leggen en het CJIB bood geen betalingsregeling bij boetes onder de 285 euro. Door de privacywetgeving duurde het soms maanden voordat schuldhulpverleners alle schulden in beeld hadden. Die wetgeving moest volgens de lector snel worden aangepast. Verder pleitte de lector voor kwaliteitsnormen in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, bijvoorbeeld voor de intake en voor schuldhulp in wijkteams.

Sneller en minder streng

De hoogleraar Governance wilde dat het Rijk stopte met voorschotten op toeslagen, die vaak werden teruggevorderd. Het systeem vond hij inefficiënt, onder meer doordat alle stappen na elkaar plaatsvonden. Door tekortschietende kwaliteit van de gemeentelijke schuldhulp bleven veel mensen met restschulden zitten. Het verbod op nieuwe schulden tijdens een traject kon bovendien schade doen. Een projectminister zag hij niet als oplossing: het was een coördinatieprobleem en daarmee een taak van de minister-president.

Gerelateerd

→ terug naar Nieuwsbrief juli 2017