Gepubliceerd op 3 februari 2019
Beleidsinformatie en onderzoek
Begin 2019 stond de invoering van het brede moratorium voor de deur, met 1 april als startdatum. Het moratorium gaf een adempauze van een halfjaar: schuldeisers mochten geen geld opeisen, er mocht geen beslag worden gelegd op bijvoorbeeld woningen en goederen en niemand mocht uit huis worden gezet. Zo konden schuldhulpverleners en schuldenaren in rust de financiën onder controle krijgen.
Uiterste redmiddel
Vertegenwoordigers van de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) en van de NVVK, de branchevereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, noemden het Breed Moratorium een uiterste redmiddel. De NVVK zag het als een positief instrument voor dossiers waarin schuldeisers blijven invorderen. Beide organisaties verwachtten dat het niet vaak nodig zou zijn, omdat vooral grote incasseerders meestal bereid zijn een regeling te treffen. Volgens de KBvG weigerde alleen heel soms een, meestal kleine, incasseerder mee te werken.
Extra werk voor gemeenten
Het moratorium bracht wel werk mee. Gemeenten moesten aan voorwaarden voldoen, zoals het aanbieden van budgetbeheer. Ook moesten zij de kosten van de rechtbank betalen, zonder die door te berekenen aan schuldenaar of schuldeisers. Daarnaast kwamen er administratieve taken bij, zoals een verzoekschrift en een overzicht van baten en lasten.
Goed voortraject
De KBvG was kritisch over de effectiviteit en pleitte vooral voor een goed voortraject: de situatie snel in kaart brengen en schuldeisers inlichten. Wordt het moratorium pas ingezet als de schulden zich al opstapelen, dan is het volgens de KBvG moeilijk om binnen een halfjaar betalingsafspraken te maken. De NVVK was het daar gedeeltelijk mee eens, maar zag het moratorium ook als stok achter de deur voor schuldeisers die niet willen meewerken.
Een beleidsmaker van het ministerie van SZW noemde het een ultimum remedium. Net als bij het dwangakkoord en de WSNP gaat een gezamenlijke oplossing voor, maar is een vangnet nodig als die echt niet lukt.
VISH
Een belangrijk hulpmiddel bij het voortraject was de Verwijs Index Schuldhulpverlening (VISH). Schuldhulpverleners plaatsen hun cliënten erin. Gerechtsdeurwaarders doen een blinde check voordat ze een ambtshandeling verrichten. Staat iemand in VISH, dan adviseren zij de schuldeiser om de vordering bij de schuldhulpverlener aan te leveren. Verschillende gemeenten werkten ermee en de NVVK stimuleerde het gebruik.
Gerelateerd
- 21-09-2019 Projectbeschrijvingen subsidieregeling armoede en schulden, vijfde tijdvak
Overzicht van de vijftien projecten die subsidie kregen in het vijfde tijdvak van de subsidieregeling armoede en schulden, dat op 5 mei 2018 sloot.
- 31-12-2018 Staatssecretaris over oplossingen om schulden te voorkomen
Staatssecretaris Van Ark reageerde eind 2018 op het RVS-rapport Eenvoud loont met maatregelen rond toeslagen, toegang tot schuldhulp en boetes.
- 31-08-2018 Minima klem door stijgende woonlasten
Arme Nederlandse huishoudens gaven gemiddeld 48 procent van hun inkomen uit aan wonen, bleek in 2018 uit een Europees rapport over woonuitsluiting.