Gepubliceerd op 8 mei 2016
Beleidsinformatie en onderzoek
Minder mensen onder de beslagvrije voet, minder afhankelijkheid van gegevens van schuldenaren en minder fouten. Deelnemers aan een rondetafelbijeenkomst van het ministerie van SZW eind 2015 noemden de vereenvoudiging van de beslagvrije voet daarom een wezenlijke vooruitgang. Wel gaven ze de interdepartementale projectgroep huiswerk mee.
De deelnemers
Ongeveer dertig professionals dachten mee, onder wie deurwaarders, schuldhulpverleners en mensen van de Belastingdienst, het CAK, de Nationale ombudsman, de NVVK en de VNG. Volgens de directeur Participatie en Decentrale Voorzieningen van SZW werkte de toenmalige beslagvrije voet door zijn complexiteit eerder tegen dan voor.
Het voorstel
De nieuwe berekening moest transparant en uitvoerbaar zijn, leiden tot een reëel sociaal minimum, rekening houden met schuldenaar en schuldeisers en een prikkel geven om af te lossen. Daarom werd zoveel mogelijk gewerkt met een vast bedrag per leefsituatie: alleenstaanden, alleenstaande ouders, partners en partners met kinderen. Bij een netto-inkomen onder het grensbedrag zou de beslagvrije voet een percentage van het inkomen zijn. Voor uitzonderlijke situaties kwam er een hardheidsclausule.
Van de lange vragenlijst voor schuldenaren bleven vijf vragen over, over leef- en woonsituatie en netto-inkomen. Gegevens moesten zoveel mogelijk uit bestaande bronnen komen, zoals de Basisregistratie Personen (BRP). Via de UWV Polisadministratie zagen beslagleggers wie het inkomen verstrekt; voor het netto-inkomen moesten ze bij de werkgever zijn.
Vragen uit de praktijk
- Niet alle professionals hebben toegang tot de benodigde systemen.
- Geeft de BRP genoeg zekerheid over de leefsituatie, bijvoorbeeld bij samenwonende broers of co-ouders?
- Hoe tel je studiefinanciering van kinderen of vakantiegeld mee?
- Mogen deurwaarders zomaar nettoloongegevens bij werkgevers opvragen?
- Iedereen vond dat de Belastingdienst bij beslag geen toeslagen mag verrekenen. SZW besprak dit met het ministerie van Financiën.
- De gemiddelde huur in de voorbeeldberekening was volgens deelnemers vaak te laag. SZW liet daarom onderzoek doen naar de groep mensen bij wie beslag is gelegd.
Inmiddels was de hoofdlijnennotitie over de vereenvoudiging naar de Tweede Kamer gestuurd. Die vroeg ook aandacht voor de effecten van bijzondere incassobevoegdheden van de overheid, zoals verrekening van toeslagen.
Gerelateerd
- 21-09-2019 Projectbeschrijvingen subsidieregeling armoede en schulden, vijfde tijdvak
Overzicht van de vijftien projecten die subsidie kregen in het vijfde tijdvak van de subsidieregeling armoede en schulden, dat op 5 mei 2018 sloot.
- 03-02-2019 Breed Moratorium: stimulans om voortraject goed te regelen
Het brede moratorium gaf schuldenaren een adempauze van een halfjaar. KBvG, NVVK en SZW zagen het in 2019 vooral als uiterste redmiddel.
- 31-12-2018 Staatssecretaris over oplossingen om schulden te voorkomen
Staatssecretaris Van Ark reageerde eind 2018 op het RVS-rapport Eenvoud loont met maatregelen rond toeslagen, toegang tot schuldhulp en boetes.